Een nieuwe pivothosting weblog

§

34 jaar

Ik heb Jezus overleefd. Toch fijn. Op naar de volgende 65 jaar!

§

Praten met Rick

Ik zit te lunchen en Rick van der Ploeg staat opeens in al zijn lange slungeligheid voor me. Rick en ik kennen elkaar, ik heb hem ruim twee jaar geleden in Florence geïnterviewd voor Volkskrant Banen waarna hij me bijzonder hoffelijk uit eten nam en de stad liet zien.
Een gesprek met slicky Rick is een uitermate vermoeiende maar ook bijzondere ervaring. Rick denkt van de hak op de tak, spreekt van de hak op de tak, eet van de hak op de tak. En tegelijkertijd gaat het altijd wel ergens over.

Hij vraagt me wat ik zoal doe tegenwoordig en ik vertel dat ik een boek over miljonairs heb geschreven.
“Goh leuk, miljonairs en heb je die ook gesproken? Waren ze gelukkig? Nee zeker hè. Dacht ik al. Maar wat is miljonair? Een miljoentje telt natuurlijk niet. Tachtig miljoen, jaaa dan hebben we het ergens over. En wat doen die mensen met dat geld? Mijn vader was ook heel rijk, weet je dat? Heel rijk. Hij is op zijn vijftigste overleden, Hij had allemaal bedrijven en fabrieken, maar hij gebruikte zijn miljoenen om opnieuw bedrijven en fabrieken op te zetten. Die rijke types van de Miljonair Fair zijn heel anders. Heb je ook, eeeeh, hoe heet die man, die eeeeh Harry Mens gesproken? Ooooooooh die is erg. En die Willibrord Frequin? Die is geen miljonair? Nou ja dat weet ik niet maar ik schaar hem altijd onder het type Harry Mens, voor mij zijn ze één en dezelfde. Weet je waar je eens een boekje over moet schrijven? Over de gemeenschap op de Universiteit in Oxford waar ik nu woon. Daar zitten hele rare Hollandse wetenschappers die zich met van alles bezighouden. De één verdiept zich iedere dag in de chlamydia van het edelhert, een ander is gespecialiseerd in het Romeinse recht. Heb ik laatst twee uur mee zitten praten. Wist je dat het Romeinse recht eigenlijk hetzelfde is als het onze? Fascinerend! Zeg, ben je ook op die Miljonair Fair geweest? Ja ze vergelijken zich natuurlijk allemaal met elkaar hè. Weet je wat ze eens moeten organiseren? De Miljonair Fair voor mannen met een grote piemel. Is die van jou kleiner dan 16 centimeter? Ja jammer voor je, je komt er niet in, hahaha. Dat is toch een geweldig idee!? Nou t was gezellig hoor je weer eens te zien!"

Praten met Rick. Het is doodvermoeiend. Maar je wordt er bijzonder vrolijk van.

§

Lach, werk en bewonder

“Je weet toch wel dat je de beste schrijver van Europa gaat interviewen, hè?”. Op de gang van hotel Ambassade tref ik schrijver Kluun die net een voorgesprek heeft gehad met de Italiaanse auteur Niccolò Ammaniti die ’s middags optreedt bij Nightwriters.
Prettig is dat altijd: mensen tegenkomen met het vermogen om te bewonderen. Niet jaloers zijn op andermans talent, niet je eigen gave betwijfelen, niet denken ‘Waarom kan ik dat niet?’, gewoon je overgeven aan dat van een ander wat je heel goed vindt.
Ik bewonder dat bewondervermogen, vooral als het betrekking heeft op iemand die hetzelfde doet als jij, schrijven in dit geval.
Mij lukt het niet altijd. Het gaat het beste als ik heel goed in mijn vel steek. Als ik tevreden ben, trots op iets wat ik heb gedaan. Dan kijk ik graag naar het moois wat anderen hebben gemaakt.
Helaas duren tevredenheid en trots veel korter dan twijfel. Mijn twijfel lijkt soms voor eeuwig. Niet zo zeer in mijn doen en laten, ik ben van het daadkrachtige slag. Maar achteraf in mijn hoofd komen de stemmetjes. Doe ik het goed? Slaat het ergens op wat ik doe? Wat voeg ik nou helemaal toe? Misschien val ik ooit wel door de mand en roepen ze allemaal dat ik helemaal niet kan schrijven.
“Twijfel is een van de namen van intelligentie” zei Jorge Luis Borges ooit. Dat zal best. Maar het is ook egocentrisch en sluit me de ogen. De ogen voor wat mooi is. Want als ik twijfel, zie ik liever niet die schitteringen van een ander.
Wat een naar trekje is dat toch. En wat zonde. Want als iets het leven glans geeft is het het vermogen te bewonderen.
Even later praat ik met Ammaniti en wat zie ik? Een kleine, hevig gesticulerende man met een vrolijke, ironische blik in zijn ogen. Een man ook die vertelt: “Ik neem gemiddeld vijf jaar om een boek te schrijven. Daarvan gebruik ik vier en een half jaar om te piekeren over het boek, over mijn schrijverschap, over dat wat ik niet kan maar wel wil. Pas in de laatste zes maanden zet ik het op papier. Ik wou dat het makkelijker ging.”
Die middag lees ik verder in ‘Ik haal je op, ik neem je mee’, een boek waarin de hoofdrol wordt gespeeld door een verlopen iets te blonde armoedige Italiaanse gitarist in een leren broek die idolaat is van de Gipsy Kings.
Het boek is geestig, scherp en fantastisch. Ik geniet. En ik realiseer me: aan al het briljante is een eeuw van twijfel voorafgegaan.

§

Niets aan toe te voegen

I'm working on a dream,
but sometimes it feels so far away...


The Daily Show With Jon StewartM - Th 11p / 10c
Bruce Springsteen - Working on a Dream
comedycentral.com
Daily Show Full EpisodesImportant Things w/ Demetri MartinPolitical Humor


(met dank aan Glorycookie) §

Wetenswaardigheden

Hé daar
Hallo!
Test test test,
Hoort u mij?
Joehoe!
Ja, kom ik door?

Ik was dus even weg. Gewoon van de radar verdwenen. Pleite. Verschwunden van deze weblog.
Ik zat een week in Kaapstad om de Cape Argus te rijden. U weet 't wellicht nog wel: dat lange fietsding rond de Tafelberg. Met 7 man en 2 vrouw onder wie ikzelf zouden we hem gaan bedwingen. Eerst een weekje trainen en dan hoplaaaa!
Maar kent u die mop van die 7 man en 2 vrouw die de Cape Argus gingen rijden?
Precies. Ze reden hem niet.

Dat weekje weg was echter niet voor niets. Ik heb heel wat wetenswaardigheden opgedaan, waaronder:

-Mannen praten veel over poep. Dat wisten we natuurlijk al. Maar mannen met diaree praten constant over poep. En als ik zeg constant, dan bedoel ik ook constant. En niet meer in bescheiden zinnetjes als “Ben jij al geweest?” (overbodige vraag overigens bij iemand die aan de schijterij is) maar eerder in hele verslagen: "Ik geloof dat ik me iets beter voel. Ik heb net een wind durven laten. Volgens mij ging het goed...".
-Ik kan in een huis vol met mensen aan de dunne wonen en zelf nergens last van krijgen. Misschien moet ik ook eens naar India.
-4 man deed dus op voorhand al niet mee. 'Met een uitgedund groepje aan de start verschijnen' is in dit kader een heel grappige woordspeling. Vind ik.
-Ik val om bij windstoten van 74 kilometer per uur. De andere 30.000 Argus-deelnemers ook. Vlak na de start moesten we onder een viaductje door. Daar was de wind zo sterk, dat er voor me meteen 20 man op zijn bek lag. Ook lopend kwam ik niet door de windmuur heen. Dan is 110 kilometer afleggen heul lang.
-De Cape Argus bekijken vanachter een dranghek aan het strand met een cappuccino in de hand is veel leuker eigenlijk. Zeker toen ik allerlei deelnemers met bloedende hoofdwonden en gehavende fietsen langs zag komen.
-Vervolgens alsnog de laatste 10 kilometers naar de finish rijden is ernstig genant. Vooral als het publiek keihard begint te juichen als je langs ze rijdt. “Well done!”. Jaja, well done.
-De medaille die ik vervolgens om mijn nek gehangen kreeg is bijna zo groot als mijn nieuwe iPhone. Hij maakt alleen minder goede foto’s.
-Met een blog bijhouden is het net als met naar de sportschool gaan. Hoe langer je het niet gedaan hebt, hoe groter de psychologische drempel is weer te beginnen. Maar weet je je over die barriere heen te zetten, dan is de voldoening bijzonder groot. Kortom: ik ben er weer.


(foto's van onszelf volgen nog, zijn in bestelling bij de organisatie)

Linkdump