Mayrhofen
Je had er bij moeten zijn. Dat zeg ik steeds als ik probeer uit te leggen hoe de wintersport van ruim een week geleden was. Want als ik vertel over schnitzels ter grootte van Europa, over Martin Camembert, over vliegende hertjes, over ijsberen die geroepen worden, over vrouwen die vergeten worden, over snavelacties, over snurkconcerten, over ‘Vind ik leuk’-gebaren, over de dj die in zijn eentje de wereld om hem heen op zijn kop zet en vervolgens met zichzelf in gesprek gaat op Facebook (“Woohoo!”), over oprukkende sneeuwgrenzen, over “Laat je buik eens zien!”, over Hel-Ga! en over huckenbruckenstuckenstubels, ja dan kijken mensen me steeds een beetje glazig aan, waarna ze beleefd nog even “Goh, leuk voor je,” mompelen.
Het bovenstaande toelichten? Ik moet er niet aan denken.
Maar laat ik volstaan door te zeggen dat ik iedere morgen tijdens het ontbijt, nog voor achten, minstens tien keer in een keiharde lachsalvo geschoten ben. En dan weet je het. Ik had er bij moeten zijn.






Schinken!
‘Ik was erbij’ en ‘ik vond het leuk!’
tering wat lekker zeg…. Wat doet die worst linksboven? Ziet er ook lekker uit…