Citaten uit een mannen-wielrennershuishouden
Hé lul!Hallo voor jou is het Meneer Lul, ja.
Ik geloof dat ik even een pikeurtje ga zetten.
Ik geloof dat ik jou morgen verschrikkelijk op de kant ga rijden.
Dr drijft een drol in de wc.
Dan moet je doortrekken.
Heb ik gedaaaaaaan.
En?
Ligt er nog steeds.
Van mij is ie niet.
Van mij ook niet.
Dan is ie van niemand.
Hoe zou zon drol kunnen blijven drijven?
Volgens mij is ie van Spekkie.
Jij begint anders ook een aardige buik te krijgen.
Jaaaa, maar dat zijn reserves. Het kan nog oorlog worden!
Bovendien daalt het lekker snel.
T is alleen zo jammer dat je er de berg amper mee opkomt, hè.
Ik zit altijd wel lekker uit de wind achter die reet van jou.
Ik zal er tijdens de race een paar voor je laten.
O o o, gaan we goedkoop worden?
Ze moeten er uit, zegt Henk van C.
Ach, die reed zelf nog geen deuk in een pakkie boter.
De winst haal je straks echt niet uit het dalen, hoor. Je moet het van het klimmen hebben.
Ja hehe, dat snap ik ook wel. Heeft een hobbelpaard een houten lul?
Niet als het een vrouwtje is.
Je moet hobbelhengst zeggen, das logisch.
Ach, man, je bent niet eens afgestudeerd jij.
Zeg pas op zo meteen met douchen, hoor,
Hoezo?
Gebukt is gepakt!
Neeee, gebeukt is gepakt.
Wat jij wil, meneer lul. Ik rijd je er toch af zondag.






JUISt!
En welke van deze uitspraken zijn nou van jou?
met twee vingers in z’n neus?
of met het snot voor z’n ogen?